|
For some time
I had been thinking to set to music and record on CD the flamenco lyrics
published in my book Duende (EPO Publishers, Antwerp, Belgium, 1998,
isbn 90 6445 084 6). The Spanish guitarist José Toral and Miguel
Fernández, a gipsy from Granada, shared my idea. The fragile singing
of the yound Fernández sounds partly like that of the old generation
singers such as Mairena and partly like the mediumistic Camarón de
la Isla. When finally José Ligero, an excellent fandango singer
from Triana, joined them, the cuadro was formed. I hope that in the next
decade flamenco with all its diversity will keep its planetary place.
This recording is a clear example of the kind of flamenco which will
inseparably be linked to the spirit of the duende. For without duende
flamenco remains a meaningless play of sound and gestures. Ivo Hermans |
![]() |
|
![]() |
| excerpt
|
excerpt
|
excerpt
|
![]() |
kleurt Hermans' Duende muzikaal in "Als gitarist probeer
ik verzen tot leven te wekken, de stem legt de accenten en het handgeklap
erbij schept een heilige drie-eenheid die moeilijk kapot te krijgen
is." |
| "Geen flamenco zonder zon" |
| Een pittoresk huis in een pittoreske straat. Vanuit het open raam dwarrelen flarden muziek op de straatstenen neer. Flamenco. "Pure flamenco", verbetert José Luis Toral ons ongeoefende oor. De Spaanse flamencogitarist woont ruim zeven jaar in Antwerpen en heeft nog steeds moeite met het druilerige weer. "Geen flamenco zonder zon", schudt hij treurig het hoofd. In zijn woonkamer heerst vrolijkheid met veel groene planten, een batterij aan instrumenten en schilderijen langs de wand. "Heb ikzelf gemaakt", wijst hij. "Als ik geen muziek speel, schilder ik, en vice versa. Voor de cd deed ik beiden." Bij Ivo Hermans' reisverhaal over het Spaanse zuiden Duende. Een bericht over Andalucia, flamenco en zigeuners maakte Toral onlangs met zangers Miguel Fernandez en José Ligero de cd Quemando voy. "Sinds een tijdje rijpte de gedachte om de prachtige flamencoteksten die Hermans in zijn boek neerschreef treffend weer te geven op cd", vertelt Toral. "Zie het als een cadeautje voor een goeie maat." In flamencomiddens hier in Vlaanderen is Hermans een begrip. Als kunsthistoricus werkte hij mee aan talrijke projecten rond de Spaanse cultuur, maar is vooral de stichter van de Koerier van Navarra in Leuven. "Een kring rond traditionele Europese stadsmuziek is dat. Je kan er Portugese fado beluisteren en Griekse rebetika, maar flamenco voert er toch de boventoon. En dat alles bij een goed glas wijn én in aangenaam gezelschap."
Ondertussen vullen de scherpe klanken van "Quemando voy" de kamer. "Meer dan eens kozen wij voor andere coplas", licht Toral de muziek toe. "Dat zijn strofes als van een gedicht die op zich staan, zodat je ermee kan improviseren. Dat soort vrijheid is eigen aan flamenco. Uiteindelijk staan er ook drie eigen creaties op de cd." Voor Ivo Hermans zijn de nummers een zuiver voorbeeld van het soort flamenco dat onverbrekelijk verbonden blijft met de geest van de duende, "zonder dewelke flamenco een zinloos spel van klanken en gebaren is." Kan best zijn, maar wat is nu die fameuze duende waar Spanje-fanaten de mond vol van hebben? "Een typisch Spaans oergevoel is het", omschrijft Toral "de scherpe spanning tussen blijdschap en verdriet, tussen vrijheid en bepeking of, kortweg, tussen vreugde en pijn. Deze vreemde geest verschijnt even snel als hij weer verdwijnt en behekst de omstaanders tijdens zang, dans en muziek. Een muzikale extase is het, die slechts in beeldspraak te vatten is. Lees eens een gedicht van Lorca, dan ervaar je het misschien."
Zelf heeft Toral weinig moeite om zich in flamenco in te leven. Acht jaar
was toen zijn neef hem de vingerzettingen op de Spaanse gitaar leerde. "Op
flamenco staat geen leeftijd of geen nationaliteit", vertelt hij. "Van
kindsbeen af liet het instrument mij niet los. Ik heb een foto waarop de gitaar
groter is den mezelf." Met geografie heeft flamenco weinig vandoen,
of toch? verschenen
in "'t Stad Magazine" 28 april 2000 tekst: Ilse Dewever |
|